سورة Ash-Shuara ( The Poets )

سورة Ash-Shuara ( The Poets ) - Dutch Leemhuis عدد الآيات 227

Tha Sîn Mîm.
Misschien zou jij jezelf vernietigen van verdriet omdat zij geen gelovigen zijn.
En voorwaar, jouw Heer: Hij is zeker de Almachtige, Meest Barmhartige.
Hij (Môesa) zei: \"Mijn Heer, ik ben bang dat zij mij loochenen.
En dat mijn borst zich zal vernauwen en dat ik niet vloeiend zal spreken, zend daarom (de Engel) naar Hârôen.
En zij hebben (een beschuldiging van) een misdaad tegen mij en ik ben bang dat zij mij zullen doden.\"
Hij (Allah) zei: \"Nee, gaat dus beiden met Onze Tekenen: voorwaar, Wij zijn met jullie, luisterend.
Gaat daarom naar Fir'aun en zegt: \"Voorwaar, wij zijn de Boodschappers van de Heer der Werelden.
Hij (Fir'aun) zei: \"Hebben wij jou niet als een kind onder ons opgevoed en verbleef jij geen jaren van jouw leven onder ons?
Hij (Môesa) zei: \"Ik heb dat gedaan toen ik tot de onnadenkenden behoorde.
Dus vluchtte ik weg toen ik bang voor jullie was. Daarop heeft mijn Heer aan mij Wijsheid ij gegeven en gemaakt dat ik tot de Boodschappers behoorde.
Hij (Môesa) zei: \"De Heer van de hemelen en de aarde en wat tussen hen beide is, als jullie er maar van overtuigd waren.\"
Hij (Fir'aun) zei tot hen die rondom hem waren: \"Luisteren jullie niet?\"
Hij (Fir'aun) zei: \"Voorwaar, jullie Boodschapper die tot jullie gezonden is, is zeker bezeten.\"
Hij (Fir'aun) zei: \"Als jij een andere god dan mij hebt aangenomen, dan zal ik jou zeker tot een van de gevangenen maken.\"
Hij (Môesa) zei: \"Zelfs als ik jou iets duidelijks kan laten zien?\"
Hij (Fir'aun) zei: \"Breng het maar, als jij tot de waarachtigen behoort.\"
Hij (Fir'aun) zei tegen de vooraanstaanden rondom hem: \"Voorwaar, dit is zeker een bekwame tovenaar.
Zij zeiden: \"Stel (de zaak van) hem en zijn broeder uit en stuur bijeenroepers naar de steden.
Zo werden de tovenaars verzameld op een afgesprokem lijd op een aangewezen dag.
Toen wierpen zij hun touwen en staven neer, terwijl zij zeiden: \"Bij de eer van Fir'aun: voorwaar, wij zullen zeker de overwinnaars zijn.\"
Toen wierp Môesa zijn staf neer, en toen verslond zij wat zij met hun bedrog hadden gemaakt.
Hij (Fir'aun) zei: \"Geloven jullie hem voordat ik jullie toestemming geef? Voorwaar, hij is zeker jullie meerdere die jullie de tovenarij onderwees. En spoedig zullen jullie het weten: ik zal jullie handen en jullie voeten aan tegenovergestelde kanten afhakken en ik zal jullie allen kruisigen.\"
Zij (de tovenaars) zeiden: \"Het deert (ons) niet. Voorwaar, wij zullen naar onze Heer terugkeren.
En wij openbaarden aan Môesa: \"Reis in de nacht met Mijn dienaren: voorwaar, jullie zullen achtervolgd worden.\"
En voorwaar, wij zijn zeker allen voorzichtig.\"
En toen de twee groepen elkaar zagen, zeiden de metgezellen van Môesa: \"Voorwaar, wij worden zeker bereikt!\"
Hij (Môesa) zei: \"Zeker niet voorwaar, mijn Heer is met mij, Hij zal mij lieden.\"
En voorwaar, jouw Heer (O Moehammad) is zeker Hij, de Almachtige, de Meest Barmhartige.
(Gedenk) toen hij tot zijn vader en zijn volk zei: \"Wat aanbidden jullie?\"
Hij (Ibrâhîm) zei: \"Horen zij jullie, wanneer jullie hen aanroepen?
Of brengen zij jullie voordeel of berokkenen zij jullie nadeel?
Hij (Ibrâhîm) zei: \"Hebben jullie dain gezien wat jullie plegen te aanbidden?
Voorwaar, zij zijn een vijand voor mij, (ik aanbid niemand) behalve de Heer der Werelden.
En Hij is Degene Die mij voedt en Die mij te drinken geeft.
En wanneer ik ziek ben, is Hij het Die mij geneest.
Degene Die mij doet sterven en mi vervolgens doet leven.
En Degene van Wie ik hevig verlang dat Hij mijn zonden zal vergeven op de Dag des Oordeels.
En maak mij één van de erfgenamen van de Tuin van de gelukzaligheid (het Paradijs).
En verneder mij niet op de Dag waarop er wordt opgewekt.
Alleen bij (zal gebaat zijn), die naar Allah komt met een zuiver hart
En Djahîm (de Hel) wordt tentoongesteld aan de dwalenden.
En tot hen wordt gezegd: \"Waar is het, wat jullie plachten te aanbidden?
Dan worden zij hals over kop daarin geslingerd, zij en de dwalenden.
Dat wij jullie (de afgoden) gelijkstelden met de Heer der Werelden.
En voorwaar, jouw Heer (O Moehammad) is zeker Hij, de Almachtige, de Meest Barmhartige.
(Gedenk) toen hun broeder Nôeh tot hen zei: \"Vrezen jullie (Allah) niet?
Voorwaar, ik ben voor jullie een betrouwbare Boodschapper.
Zij zeiden: \"Als jij er niet mee ophoudt, O Nôeh, dan behoor jij tot degenen die gestenigd worden!\"
Hij (Nôeh) zei: \"Mijn Heer, voorwaar mijn volk loochent mij.
En vervolgens verdronken Wij degenen die achterbleven (in de zondvloed).
En voorwaar, jouw Heer (O Moehammad) is zeker Hij, de Almachtige, de Meest Barmhartige.
Het volk van de 'Âd loochende de Boodschappers.
(Gedenk) toen hun broeder Hôed tot hen zei: \"Vrezen jullie Allah niet?
Voorwaar, ik ben voor jullie een betrouwbare Boodschapper.
Zouden jullie op elke heuvel een gebouw bouwen om jullie te vermaken?
Zij zeiden: \"Voor ons is het hetzelfde of jij ons waarschuwt of dat jij niet tot de waarschuwers behoort.
En wij zullen niet behoren tot hen die gestraft worden.\"
En voorwaar, jouw Heer (O Moehammad) is zeker Hij, de Almachtige, de Meest Barmhartige.
Het volk van de Tsamôed loochende de Boodschappers.
(Gedenk) toen hun broeder Shâlih tot hen zei: \"Vrezen jullie (Allah) niet?
Voorwaar, ik ben voor jullie een betrouwbare Boodschapper.
Zullen jullie in veiligheid gelaten worden temidden van wat hier is?
Hij (Shâlih) zei: \"Dit is een vrouwtjeskameel, zij heeft recht om te drinken en jullie hebben recht om te drinken, (ieder) op een vastgestelde dag.
En voorwaar, jouw Heer (O Moehammad) is zeker Hij, de Almachtige, de Meest Barmhartige.
(Gedenk) toen hun broeder Lôeth tot hen zei: \"Vrezen jullie (Allah) niet?
Voorwaar, ik ben voor jullie een betrouwbare Boodschapper.
Hij in zei: \"Voorwaar, ik behoor tot hen die jullie daden verachten.
En Wij deden een (vulkanische) regen op hen neerstromen, hoe slecht was de regen voor de gewaarschuwden!
En voorwaar, jouw Heer (O Moehammad), is zeker Hij, de Almachtige, de Meest Bamhartige.
(Gedenk) toen Sjoe'aib tot hen zei: \"Vrezen jullie (Allah) niet?
Voorwaar, ik ben voor jullie een betrouwbare Boodschapper.
Maar zij loochenden hem, waarop een bestraffing hen trofop een zwaarbewolkte dag. Voorwaar, het was een bestraffing van een geweldige dag.
En voorwaar, jouw Heer (O Moehammad) is zeker Hij, de Almachtige, de Meest Bamhartige.
En voorwaar, hij (de Koran) is zeker een neerzending van de Heer der Werelden.
Met hem (de Koran) daalde de getrouwe Geest (Djibrîl) neer.
Op jouw hart (O Moehammad), opdat jij tot de waarschuwers behoort.
En voorwaar, hij (de Koran) is zeker (aangekondigd) in de Schriften van de vroegeren.
(En als) hij hem dan aan ben voorgedragen had, dan hadden zij er niet in geloofd.
Op deze wijze deden Wij hem binnendringen in de barten van de misdadigers.
Vragen zij dan dat Onze bestraffing bespoedigd wordt?
En Wij hebben geen stad vernietigd zonder dat er voor haar waarschuwers waren geweest.
Als een waarschuwing: en Wij weren geen onrechtvaardigen.
Voorwaar, van het horen (ervan) zijn zij zeker buitengesloten.
En als zij jou dan ongehoorzam zijn, zeg dan: \"Ik ben onschuldig aan wat jullie doen.\"
Zij luisteren nam het gesprokene en de meesten van hen zijn leugenaars.
مشاركة الموضوع